Stuk

Google-evilKan het stuk in 2018? De grote techgiganten zoals Google, Amazon, Apple en Facebook zijn een toenemende bedreiging als het gaat om democratie, privacy en competitie. Is deze macht te breken? In Brussel denken ze van wel. Waar Manneke Pis een jongetje was die een brandend lont heeft uitgeplast om het opblazen van de stadswallen te voorkomen, heeft Brussel nu Margarethe Verstager, Eurocommissaris van mededinging. Zij probeert het opblazen van de democratie in Europa te voorkomen. Machtsmisbruik van Google dat via het eigen Shopping product zijn concurrenten vermoordt of het sluizen van miljarden aan belastinggeld van Apple en Google naar Bermuda wordt door Verstager niet getolereerd. Ook wil ze dat er meer verantwoordelijkheid genomen wordt bij verspreiden van nepnieuws en wil ze inzicht in hoe de algoritmen werken.

Het is bizar dat grote techbedrijven geen belasting betalen in de landen waar ze het geld verdienen. Het is misschien niet illegaal, maar absoluut immoreel. Alsof de werknemers van deze techgiganten geen brandweermannen nodig hebben als hun huis in brand staat. En alsof hun kinderen geen goed onderwijs nodig hebben. Ook in Engeland wordt er onderzoek gedaan naar de machtspositie van de techpartijen op de reclamemarkt waar een miljoen banen aan zijn gerelateerd. De Engelsen komen binnenkort met een rapport op de proppen met aanbevelingen. In Frankrijk daagde de overheid onlangs Amazon voor de rechter vanwege machtsmisbruik jegens leveranciers.

Inmiddels voelen bedrijven als Facebook en Google wel haarfijn aan dat er een tegenbeweging op gang komt in de samenleving. Ze kunnen weleens de nieuwe banken zijn. En in het ergste geval de nieuwe Camiel Eurlings. Zo kondigden ze onlangs beiden aan om anders belasting te willen betalen. Maar dat gaat niet ver genoeg om hun dominante positie tegen te gaan. In de VS wordt er gesproken over opknippen van de techreuzen. Je kan eigenlijk geen internetwinkel meer beginnen zonder Google. Een krachtig product als Google search kan volgens de overheid als nutsvoorziening gezien worden en ook zo gereguleerd.

In de jaren vijftig werd AT&T al eens opgeknipt in de VS. AT&T mocht het telefoonmonopolie houden als ze hun prestigieuze Bell Labs zouden opgeven. Uit dat lab kwamen innovaties voort op het gebied van bijvoorbeeld transistoren en zonnecellen. Door patenten hierop aan de hele markt ter beschikking te stellen werd het kleinere bedrijven mogelijk gemaakt verder te innoveren en daarmee een economische opleving te realiseren. Het zou mooi zijn als door regulering grote techpartijen ook verplicht hun kennis zouden moeten delen over kunstmatige intelligentie met de markt.

In Nederland hengelen Facebook en Google naar schatting 1,3 miljard van de 2 miljard aan online advertentiebestedingen naar binnen. Wat zou het fijn zijn als ook Nederland wakker wordt en minister Slob, al dan niet samen met Europese collega’s, op een knop kan drukken die groter is dan die van de techgiganten. Een knop die werkt.

Column Adformatie 19 januari 2018

Advertisements

Cijfers en letters

downloadWat is een kind zonder moeder? Niets. En daarom werd twee jaar geleden Alphabet opgericht. Met de bedoeling moederbedrijf te zijn voor Google inc en alle andere Google ‘bets’ zoals Nest Labs en Google Fiber. De moeder zorgt ervoor dat elk van de kinderen wendbaar is, genoeg geld heeft en zich zodoende beter kan ontwikkelen.De naam Alphabet is volgens oprichter Larry Page gekozen omdat het een verzameling letters is die taal vertegenwoordigt. En taal is een van de belangrijkste innovaties van de mensheid en bovendien de kern van hoe er wordt geïndexeerd in Google Search. Bijkomende woordspeling is Alpha-bet. Alpha staat voor een bovengemiddelde return on investment. Onlangs werd er in Nederland ook een nieuw moederbedrijf gelanceerd; het enige echte Nederlandse mediabedrijf op schaal. Oprichter John de Mol lanceerde hoogstpersoonlijk Talpa Network. En ook daaronder een horde kinderen: van SBS tot de radiozenders Veronica, Sky, Radio 10 en 538 tot en met een nieuwe digitale overname op het e-commercefront. De belofte van de Talpa-portfolio voor adverteerders bestrijkt een geheel mediaplan, van awareness tot conversie, te verkrijgen aan één loket. Waar de letters centraal staan bij Alphabet, zijn het de cijfers bij Talpa. Het logo met stippen heeft de vorm van het toetsenbord op de mobiele telefoon. Daarnaast vormen ze de T van Talpa. Hebben we hier dan te maken met een wedstrijdje van de cijfers tegen de letters?Internationale technologie­bedrijven als Alphabet zeggen zich vooral met technologie bezig te houden. Ze leggen pijplijnen aan die content bereik kunnen geven. Talpa Network houdt zich voornamelijk bezig met het maken van content die de Nederlandse consument recht tussen de ogen en oren moet raken.En geeft daarbij aan om flink door te investeren, in tegenstelling tot veel andere ‘lokale’ mediabedrijven. Bovendien innoveren ze in businessmodellen die gaan over revenue share en intellectueel eigendom. De absolute sleutel tot succes daarbij is dat ze met hun content directe toegang tot consumenten houden. Dat ze killer apps bouwen. En slimme allianties. Desnoods met de tot nu toe onwillige distributiepartijen KPN en Ziggo. En zelfs ook samenwerken met de Chinese en Amerikaanse giganten die nu al wereldwijd meer dan 80 procent van de mobiele inkomsten binnenhalen. Goed als dat lukt, dan is er een kans dat gezonde marktwerking blijft bestaan. Dat er ruimte is voor cijfers én letters.

Column Adformatie 2 december 2017

Incontinentie

Lineaire televisie is incontinent. Er is sprake van een ongewild en onbeheersbaar weglekken van kijkers naar de digitale onderbroek. En je kunt het niet tegenhouden. Lineaire televisie verliest sneller kijkers dan Marc van der Linden kilo’s. Het geldt voor alle kijkers en specifiek voor de jongere groep. En helaas voor de traditionele broadcasters is het een minderheid van kijkers die naar hun uitgesteldkijkendomein verhuizen. De verslapte blaasspier of prostaatvergroting die hiervan de oorzaak is, noemen we in mediakringen ‘Google’ of ‘Facebook’.  Die weglekkende kijkers zijn veel geld waard in de vorm van advertentiebestedingen. Het gaat om vele miljarden die wereldwijd op reguliere televisie worden besteed. De sektarisch georganiseerde Amerikaanse giganten zijn met hun onstilbare honger naar reclamegeld serieus op jacht naar die televisie-euro’s. Een van de problemen die ze daarbij tegenkomen is dat het bereik van al hun merken, van YouTube tot Facebook en Instagram, op de mobiele telefoon zit. En een mobiele telefoon is geen televisie. Zo’n televisie zit ook niet lekker in je broekzak. En toch denken partijen als Facebook dat ze een-op-een de televisie-euro’s kunnen inladen. Het staat letterlijk op de muren in hun kantoren geschreven: ‘Where do more and more people go when there is an ad on TV? To your ad on mobile’. En vervolgens slaan ze de brug naar hoe fantastisch je merken kunt bouwen op het Facebook- en Instagram-platform. De waarheid is dat Facebook in de verste verte geen vervanger voor televisie is. Ondanks de fantastische crossdevice targeting mogelijkheden is de context voor video anders, zijn het formaat en de beleving anders, hebben de in de tijdslijn voorbijschietende video’s een uitkijktijd die neerkomt op één keer knipperen met je ogen, kun je niet op goede standaarden en verificatie onderhandelen en heb je te maken met een muur die om hun data heen staat, zodat je het niet kunt optellen bij de inzet op andere digitale media. En Mark Zuckerberg weet dat natuurlijk als geen ander. Daarom komt hij met plannen om op Facebook gescripte ‘tv-programma’s’ van 30 minuten te brengen. Zoals YouTube ook ‘tv-series’ van Ellen Degeneres en Katy Perry gaat uitzenden. De Amerikaanse techgiganten gaan uiteindelijk dus gewoon weer televisietje spelen. Om de superabsorberende luier te kunnen zijn van grote scheuten spotbestedingen.

Column Adformatie 24 juni 2017

Eigen tuin eerst

kabLeuk natuurlijk die ministers in Den Haag op Prinsjesdag. Maar voor het mediavak zijn de ministers die vakgenoten jaarlijks verblijden tijdens de MWG seizoensopening op die derde dinsdag in september veel belangrijker. Zo’n tweehonderd man en vrouw gingen er eens even goed voor zitten. Ruud Wanck, GroupM Connect CEO WW, trapte af als Minister van Mediabureaus. Voor de goede verstaander was zijn boodschap meer dan duidelijk. Technologie zorgt helemaal niet voor gelijkheid en transparantie. We hebben te maken met grote technologiebedrijven die zich als uitgever opstellen en consumenten en adverteerders allemaal in hun eigen tuin proberen op te sluiten. De zogenaamde walled garden. Zo kondigde Google onlangs aan haar Youtube videovoorraad alleen nog maar te ontsluiten via haar eigen poortwachter, Doubleclick Bid Manager. Dat maakt het wel heel ingewikkeld voor bureaus en adverteerders om over verschillende platformen te gaan optimaliseren. Partijen als Google, Facebook en Amazon vertegenwoordigen enorme hoeveelheden consumenten. Die sluiten ze ieder op in hun eigen tuin. Dat maakt het voor lokale uitgevers met een laag digitaal bereik via alleen hun eigen sites en apps erg lastig om te concurreren. Dus keek iedereen na het verhaal van Wanck uit wat de Minister van Uitgevers te melden had. Geert-Jan van der Snoek – CEO TMG – is natuurlijk de man die namens lokale partijen hier wat over kon zeggen. Want dit raakt alle lokale mediabedrijven. Van TMG tot Persgroep en van Sanoma/SBS tot RTL. Maar de stelling van Van der Snoek deed tweehonderd paar wenkbrauwen fronsen. Zijn stelling: “Digitalisering van radio is meer dan DAB+”. Dat klinkt toch alsof Minister Dijsselbloem zich op Prinsjesdag druk maakt over het soort asfaltering op de ringweg van Alkmaar. Liedewij FM vond het leuk natuurlijk. Maar de zaal verwachtte een mening over de digitale strategie, een continu groeiend domein waar zeven keer zoveel in omgaat dan in de krimpende radio. Hoe voorkomen lokale publishers dat ze gedwongen met de grote jongens zaken moeten doen omdat die en masse de data bezitten qua identiteit en targeting? Gaat Geert-Jan met zijn lokale collega’s nog eens de handen ineen slaan? Of blijven ze een lullig tuinkaboutertje bij hun eigen vijvertje?

Column Adformatie 2 oktober 2015

Heroine

heroineWie is er nu verdorie king? Content of distributie? Wie ziet dat het Europees Parlement zich momenteel druk maakt over de dominantie van technologiebedrijven als Google, zou denken distributie. Google zou opgesplitst moeten worden omdat haar eigen diensten een betere plek op het schap krijgen dan die van concurrenten. Het Europees Parlement heeft zich niet eerder druk gemaakt over bedrijven die sterk zijn in content. Endemol hoeft niet verder als Ende en Mol. En Walt Disney niet als Walt en Disney. Is distributie dan toch king? Een content bedrijf als Axel Springer liet eerder dit jaar openlijk weten dat Google belangrijk is voor bezoek en advertentie-inkomsten, maar zegt te vrezen voor technologische overheersing en diefstal. Kranten leveren content die Google gratis verspreidt. Google is voor verslaafde uitgevers de dealer van de heroïne die bezoek en advertentie-inkomsten heet. Niet zo gek is het dat Axel Springer, evenals de New York Times, onlangs een aandeel nam in het Nederlandse Blendle, een digitale kiosk met artikelen uit tijdschriften en dagbladen. Beide bedrijven willen best verslaafd raken aan het digitaal verkopen van losse artikelen. Maar tegelijkertijd willen ze er niet zo afhankelijk van worden als Bassie van Adriaan. Best opmerkelijk dat twee grote buitenlandse uitgevers met een vingerknip een aandeel in Blendle verkregen van oprichter Alexander Klöpping en co. Lokale uitgevers zoals De Persgroep en TMG die met hun content Blendle levensvatbaar maakten, blijven met lege handen achter. Blendle is nu nog een sigaretje, maar als het ook heroïne wordt, dan bepalen New York Times en Axel Springer mede de prijs van de content die de lokale aanbieders gaan ontvangen. Of als Axel Springer TMG zou kopen, dan heeft de Telegraaf opeens een voorkeurspositie ten opzichte van de Volkskrant. Bovendien profiteren de lokale uitgevers niet van inkomsten in grote markten, zoals John de Mol dat ook terecht doet als hij met een succesvol lokaal project de grenzen over gaat. Als lokale uitgevers willen dat content king blijft, moeten ze nu de kraan richting Blendle dichtdraaien en een aandeel eisen. Voordat ze brakend en impotent in de goot eindigen.

Column Adformatie 24 december 2014